Historie Görkese Turken

De Görkese Turken zijn ontstaan op het Smidspad in Café van Broekhoven. Tien vaste stamgasten hadden mogen proeven van het Carnaval en besloten samen om dit voor komend jaar te organiseren. Bij de oprichtingsvergadering, gehouden op 11-3-1955, werden 174 leden ingeschreven. Gekozen werd voor de naam Görkese Turken. Als doel werd gesteld, de viering van Carnaval in Tilburg openbaar te maken. Het eerste bal werd gehouden op 20-11-1955. Op 19-1-1956 werd de eerste Raad van 11 gekozen. In die tijd werd slechts één Carnavalsbal gegeven. Het bestuur van de Görkese Turken als grootste actievoerder, liet samen met andere verenigingen de Gemeente Tilburg uiteindelijk bezwijken, met als resultaat dat in 1960 de eerste Kinderstoet door de stad mocht trekken.
In 1968 telt de vereniging 500 leden. Op 2-3-1969 brandde de grote zaal van café van Broekhoven in zijn geheel af. Hierdoor moest gezocht worden naar een nieuwe Residentie. Gekozen werd voor de Tiendschuur waar ze na enkele jaren noodgedwongen afscheid van moesten nemen omdat dit een andere bestemming had gekregen. Uiteindelijk zijn ze bij 't Hoefke terechtgekomen hier is inmiddels ook verandering in gekomen en zijn ze nu "thuis" bij Villa de 4 Jaargetijden. Ondertussen met trots de oudste vereniging van Kruikenstad.

Het ontstaan van de naam "Turken"

De redactie ontving naar aanleiding van de oproep voor informatie voor ons jubileumboekje kopieën van een roman waarin het ontstaan van de naam van de "Turken" uitgelegd werd. De roman heet: "Bij ons op den Heuvel" geschreven door Ed de Nève. In de Wolstad (zoals Tilburg in de roman genoemd wordt) liep een "lijn" (de spoorlijn) die de stad verdeelde in twee helften. Dankzij deze lijn werd de wolstad een dorp en een stad. Het dorp was de noordelijke helft, de stad de zuidelijke. De bewoners van de stad deden dat niet zo maar uit een onbewust gevoel van minderwaardigheid, maar erkenden ermee dat de stad een hele generatie voor was op het dorp. In rijkdom en protserigheid. In de stad waren de grote winkelstraten: Heuvelstraat, Nieuwlandstraat. Ook de grote pleinen waren in de stad: de Heuvel, met rondom de breed getakte Lindeboom.

De kroegen en de grote St. Jozefskerk, De Markt waar het stadhuis stond het Korvel en dan was er ook nog het station. Wanneer de bewoners van het noordelijk gedeelte op reis wilden gaan, moesten zij de overweg bij de Gasthuisstraat of de Koestraat passeren. De stadsbewoners legden een openlijke minachting aan de dag voor die van het dorp. Om ze beter te kenmerken noemden zij ze "Turken". Naar hun mening was een Turk het typische voorbeeld van ruwheid en onbeschaafdheid. Een mening waaraan zij vasthielden hoewel geen enkele bewoner ooit omgang had gehad met een bewoner uit Turkije of ooit in dat land had verbleven. De Wolstad is in de laatste jaren veel veranderd. Er loopt nu een kanaal om de stad. Het standsverschil is er meer geëffend geworden. Maar er blijft nog een zeer duidelijke merkbare fabrikantentrots bestaan, al wordt het de kinderen niet meer verboden "over de lijn" te gaan.

(bron: redactie Moete Heure)